Beschrijving van de test

Valproinezuur

Parameter

Testnaam:
Valproinezuur
Eenheden:
mg/L
Synoniemen:
Dipropylazijnzuur, Valproaat, Depakine, Convulex 
Aanvraagcode:
531
Uitvoerfrequentie:
24u/24u
TAT (max antwoordtijd):
< 1 dag
Dringend aan te vragen:
Ja
Laboratorium - Toestel:
AZ Sint-Blasius - Atellica
Verantwoordelijke:
dr. apr. T. Monteyne

Staalname

Staaltype (voorkeur):
Serum
Minimaal volume (µL):
300µL
Afname en transport:
Staal dient te worden afgenomen maximaal 30 minuten voor toediening van de volgende dosis (dalspiegel), bij voorkeur steeds op hetzelfde tijdstip.

Methode

Laboratorium - Toestel:
AZ Sint-Blasius - Atellica
BELAC-accreditatie:
Neen

Referentiewaarden

Leeftijd Mannen Vrouwen
50.0-100.0 mg/L 50.0-100.0 mg/L

Wetenschappelijke achtergrond

Achtergrond:

Valproïnezuur wordt gebruikt voor de behandeling van primaire vormen van veralgemeende epilepsie: grand mal, petit mal en associatie van grand mal en petit mal. Valproïnezuur is ook werkzaam voor secundaire vormen van epilepsie en partiële epilepsie. Associatie met een ander anticonvulsivum is geïndiceerd bij onvoldoende effect.


Farmacokinetiek:


  • Na orale toediening wordt valproaat bijna volledig geabsorbeerd.
  • Piekconcentraties worden nuchter na 1 u bereikt. Bij maagsapresistente vormen en de vorm met verlengde vrijstelling wordt de piekconcentratie bereikt tussen 3-7 u.
  • Enzyminducerende anti-epileptica zoals fenytoïne, fenobarbital en carbamazepine verlagen de valproaatspiegel. Meropenem leidt eveneens tot een daling van de valproaatspiegel.
  • Felbamaat, cimetidine en erytromycine verhogen de valproaatconcentratie. Farmaca met een significante eiwitbinding zoals salicylaten verhogen de vrije fractie van valproaat.
  • Valproïnezuur is in belangrijke mate gebonden aan albumine (<42 g/L). Bij patiënten met een hypo-albuminemie kan de ongebonden (en dus actieve) fractie hoger zijn (Harmida et al., J Pharmacol Sci 97, 489-493 2005)

Therapeutische drugmonitoring is daarom aangewezen om de effectiviteit van de behandeling te optimaliseren en toxiciteit te voorkomen.


Bij totale serumconcentraties boven 125 mg/L neemt het risico op ernstige bijwerkingen toe, waaronder centrale zenuwstelsel-depressie, trombocytopenie en hepatotoxiciteit.


Zeldzame maar ernstige gevallen van leverfalen zijn beschreven, vooral tijdens de eerste zes maanden van de behandeling. Regelmatige controle van de leverfunctie wordt daarom aanbevolen, in het bijzonder bij de start van de therapie.


Valproïnezuur vertoont belangrijke farmacokinetische interacties met fenytoïne. Door verdringing van plasma-eiwitbinding en beïnvloeding van het metabolisme kunnen de vrije concentraties van fenytoïne toenemen zonder duidelijke wijziging van de totale fenytoïnespiegel.


Tarificatie

RIZIV nomenclatuur:
548096
Nomenclatuur:
548096 - 548100 B 350 Doseren van een anti-epileptisch geneesmiddel #(Maximum 3)(Diagnoseregel 46)
Bron: RIZIV website op 04/10/2026

Laatst gewijzigd

2026-05-18 12:04:43
Verantwoordelijke bioloog:
tmonte1