| Leeftijd | Mannen | Vrouwen |
|---|---|---|
| 50.0-100.0 mg/L | 50.0-100.0 mg/L |
Valproïnezuur wordt gebruikt voor de behandeling van primaire vormen van veralgemeende epilepsie: grand mal, petit mal en associatie van grand mal en petit mal. Valproïnezuur is ook werkzaam voor secundaire vormen van epilepsie en partiële epilepsie. Associatie met een ander anticonvulsivum is geïndiceerd bij onvoldoende effect.
Farmacokinetiek:
Therapeutische drugmonitoring is daarom aangewezen om de effectiviteit van de behandeling te optimaliseren en toxiciteit te voorkomen.
Bij totale serumconcentraties boven 125 mg/L neemt het risico op ernstige bijwerkingen toe, waaronder centrale zenuwstelsel-depressie, trombocytopenie en hepatotoxiciteit.
Zeldzame maar ernstige gevallen van leverfalen zijn beschreven, vooral tijdens de eerste zes maanden van de behandeling. Regelmatige controle van de leverfunctie wordt daarom aanbevolen, in het bijzonder bij de start van de therapie.
Valproïnezuur vertoont belangrijke farmacokinetische interacties met fenytoïne. Door verdringing van plasma-eiwitbinding en beïnvloeding van het metabolisme kunnen de vrije concentraties van fenytoïne toenemen zonder duidelijke wijziging van de totale fenytoïnespiegel.